Transitie

Resultaten thema Transitie Landelijke Gebied

Een gezonde leefomgeving en aantrekkelijke landschappen dragen in belangrijke mate bij aan het welbevinden van onze inwoners en van onze gasten. Op regionaal niveau werken we aan het verbeteren van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving. Het Thema Transitie Landelijk Gebied is een breed thema, de opgave is ook breed. In de eerste helft van 2020 is er veel gebeurd, zowel op het gebied van vertegenwoordiging van de regio in programma’s op andere overheidsniveaus maar ook met betrekking tot inhoudelijke regionale strategieontwikkeling.

Streefbeeld

De agrarische sector in Zuidoost-Brabant bevindt zich momenteel in een transitiefase. Het stoppen van agrarische bedrijvigheid heeft grote gevolgen voor het landelijk gebied, maar biedt ook kansen voor nieuwe bedrijvigheid, grootschalige energieopwekking en natuur- en landschapsversterking. Nieuw perspectief voor het landelijk gebied is van belang voor het behoud van de uniciteit van onze regio.

Om richting te geven aan de ontwikkelingen van het landelijk gebied, hebben we een streefbeeld opgesteld. In het Streefbeeld beschrijven we als regio onze ambities over de gewenste ontwikkeling. Door een gezamenlijk streefbeeld kunnen alle gemeenten samen dezelfde koers uitzetten naar een gezonde, aantrekkelijke en economisch vitale leefomgeving.

Het Streefbeeld is in februari 2020 door het portefeuillehoudersoverleg Transitie Landelijk Gebied in procedure gebracht om te worden vastgesteld door de 21 gemeenteraden. Bespreking door de 21 gemeenteraden loopt, ondank de corona-maatregelen, nagenoeg volgens planning. Sommige gemeenteraden behandelen het Streefbeeld na de zomer.

Lobby

De transitie van de landbouw is een onderwerp dat op meerdere overheidsniveaus speelt. In het Bestuurlijk Overleg Transitie Landbouw overleggen provincie, regio’s en waterschappen over de ontwikkelingen op dit dossier. Vanuit de regio Zuidoost-Brabant nemen drie bestuurders deel aan dit overleg. Anke van Extel-van Katwijk neemt als VNG-vertegenwoordiger op diverse dossiers deel aan het overleg met het Rijk. In het portefeuillehoudersoverleg Transitie Landelijk Gebied worden na een voorbereiding in het ambtelijk overleg, de standpunten en inbreng vanuit onze regio met elkaar afgestemd.

Gebiedsgerichte aanpak zuidoostelijke zandgronden/ NOVI gebied De Peel

Vanwege de complexiteit en samenhang in problematiek is een gebiedsaanpak voor de zuidoostelijke zandgronden in Zuidoost-Brabant, Noordoost-Brabant en Noord- en Midden- Limburg gestart. Vanuit de Metropoolregio Eindhoven wordt meegewerkt in de ambtelijke en bestuurlijke werk- en stuurgroep die de gebiedsgerichte aanpak vorm geeft. Er zijn afspraken over de governance gemaakt en er is een narratief voor het gebied gemaakt. Dit zijn bouwstenen voor de gebiedsgerichte aanpak. Er is gewerkt aan een voorstel om het gebied voor te dragen als NOVI-gebied. Hiervoor heeft de Metropoolregio Eindhoven ambtelijk en bestuurlijk gelobbyd. Uitsluitsel over de aanwijzing volgt in de 2e helft van 2020. Het IBP traject zuidoostelijke zandgronden is gekoppeld met de aanpak voor het beoogde NOVI-gebied.

Plan MER mestbewerkingslocaties

De regio Zuidoost-Brabant is samen met provincie, waterschappen en de regio’s Noordoost-
en Midden-Brabant initiatiefnemer van de PlanMER Mestbewerkingslocaties. Het plan van aanpak voor de PlanMER is op 18 februari 2020 door het College van Gedeputeerde Staten vastgesteld. In het plan van aanpak staat beschreven hoe de provincie en gemeenten het milieuonderzoek willen aanpakken. De combinatie Tauw/Pouderoyen is eind april van start gegaan met de uitvoering van de MER. Zij zijn nu aan de slag met een inventarisatie naar locaties en typen mestbewerkingsinstallaties, die moet leiden tot een aantal onderzoeksalternatieven. Consultatie van gemeenten hierover vindt plaats in het najaar. De ondersteuningsorganisatie van de Metropoolregio Eindhoven ondersteunt het maken van de MER, stemt af met de ODZOB voor de inhoudelijke inbreng, en zorgt er voor dat gemeenten ambtelijk en bestuurlijk goed zijn betrokken.

Stikstof Aanpak

De Brabantse Aanpak Stikstof is gericht op natuurherstel (verminderen milieudruk schil N2000) en blijven bieden van ruimte aan economische en maatschappelijke projecten. O.a. via het stimuleren van transacties stikstof, het opkopen van bedrijven (stikstof) en uitgifte van stikstof. Voor de governance worden drie overheidslagen onderscheiden (lokaal-regionaal-provinciaal). Het stakeholdersoverleg (3x bij elkaar geweest) wordt omgevormd tot een Brabantse regietafel. Er is inmiddels een voorstel voor de governance en de aanpak op de verschillende niveaus. Vanuit het Portefeuillehoudersoverleg Transitie Landelijk Gebied neemt Marinus Biemans deel aan de bestuurlijke voorbereiding.

Verbinding stedelijk en landelijk gebied

Opwettense Watermolenoverleg

Een maal per jaar organiseert de MRE het Opwettense Watermolenoverleg plaats. De bijeenkomst is bedoeld om het bestuurlijk netwerk te verstevigen op het thema Transitie Landelijk Gebied. Deelnemers zijn afkomstig uit overheid, bedrijfsleven en belangenorganisaties. Door de diverse partijen samen te laten komen, kunnen ze informatie uitwisselen en van elkaar leren.

Thema’s zijn economische structuur, ruimtelijke en ecologische kwaliteit en verbinding landelijk en stedelijk gebied. De vraag die centraal staat, is hoe partijen invulling kunnen geven aan de uitvoering van ons Streefbeeld. In 2020 was dit overleg voorzien in april. Vanwege de Coronamaatregelen is besloten, dit overleg uit te stellen tot na de zomer.

NatuurNetwerkBrabant (Regiobod Groenfonds)

Er is door de Metropoolregio gestart met een inventarisatie naar de stand van zaken van gebiedsopgaven in het NatuurNetwerkBrabant in onze regio. Dit levert informatie om in samenwerking tussen overheden kansen en oplossingen te vinden. In ons regionaal Streefbeeld is opgenomen dat we kansen zullen benutten om stad-land- verbindingen te versterken. Bijvoorbeeld door versterking van de beekdalen, aaneengesloten natuurgebieden tot in de stad, het verbinden van groenstructuren en het versterken van recreatieve netwerken. Het Groen Ontwikkelfonds Brabant (GOB) werkt sinds 2014 aan een robuust en aaneengesloten natuurnetwerk in Brabant. De ambitie om een robuust en aaneengesloten natuurnetwerk in (Zuidoost-)Brabant te realiseren loopt trager dan gehoopt. De inventarisatie is er uiteindelijk op gericht de realisatie een impuls te geven.

Versterken van ruimtelijke en ecologische kwaliteit

Het Interbestuurlijk programma (IBP)

Het Ministerie van LNV, de Provincies Limburg en Noord-Brabant, de Waterschappen Aa & Maas, De Dommel en Limburg, en de regio’s Noord-Limburg, Midden-Limburg, Noordoost-Brabant en MRE werken aan een toekomstbestendig landelijk gebied in de Zuidoostelijke Zandgronden. In het afgelopen voorjaar is door de partijen een actieprogramma gemaakt. Centraal staan activiteiten op het gebied van samenwerking en kennisdeling en de uitvoering van vijf proeftuinen. Drie van de proeftuinen liggen in Zuidoost-Brabant: De Levende Beerze in De Kempen, Innovatiepark de Vlier in Deurne en Troprijt/ Kroonvennen in Bladel/ Reusel-De Mierden.
Het Ministerie van LNV draagt 6,9 miljoen euro bij voor de uitvoering van het actieprogramma voor Zuidoostelijke Zandgronden. Dit is voornamelijk voor de uitvoering van vijf proeftuinen. Door discussie intern bij de betrokken ministeries heeft het beschikbaar stellen van de middelen vertraging opgelopen. Hier is inmiddels een oplossing voor gevonden. Projectvoorstellen voor de proeftuinen zijn in voorbereiding. Vanuit de Metropoolregio Eindhoven worden de proeftuinen geadviseerd en in positie gebracht. Samen met andere partijen is gewerkt aan het vormgeven van een bijdrage regeling.

Verbeteren economische structuur van het landelijk gebied

Economische structuurversterking landelijk gebied

De ambtelijke werkgroep heeft onder aansturing van de Metropoolregio Eindhoven een plan van aanpak gemaakt voor de economische structuurversterking van het landelijk gebied. Met als doel het krijgen van inzicht in economisch duurzame ontwikkelkracht en -mogelijkheden van het landelijk gebied én om een ruimtelijke analyse te maken. Dit is een analyse die inzicht geeft in welke gebieden economische activiteiten zich duurzaam en kansrijk kunnen ontwikkelen. Zo is een beeld ontstaan van de kansrijke en economisch duurzame activiteiten voor de regio en in welke gebieden van het landelijk gebied deze tot ontwikkeling kunnen komen. Dit gecombineerde economisch-ruimtelijk inzicht is bruikbaar voor gemeenten afzonderlijk voor de doorontwikkeling van hun omgevingsvisie. Daarnaast is het inzicht nuttig om op subregionaal niveau te komen tot een bovenlokaal ruimtelijk afwegingskader voor economische ontwikkelingen in het buitengebied.

Meer informatie

Dit is informatie uit de Beleidsmatige Bestuursrapportage 2020, peildatum 1 juni 2020. Lees hier de hele Burap zoals die is vastgesteld voor het AB op 1 juli 2020. En lees de informatie over de andere thema’s: Economie, Mobiliteit, Energietransitie en Bestuurlijke Samenwerking.

Voor meer informatie over het thema Transitie Landelijke Gebied kunt u contact opnemen met: