Woord van de voorzitter van de Raadstafel21: Waar te beginnen met de renovatie

Inmiddels zijn de bevindingen van onderzoeksbureau Berenschot over de eerste twee jaar van ons samenwerkingsverband bekend. De conclusies zijn niet mals: "los zand" was een van de bevindingen.

Maar het meest treffend vond ik nog het gegeven dat er bij de raden blijkbaar méér vertrouwen is in de Metropoolregio dan bij de colleges. OK, ook bij mijn collega's was de nodige scepsis te beluisteren maar "slechts" 1/3 van de raadsleden was negatief over de samenwerking terwijl 80% van de bestuurders negatief waren. Met als dieptepunt dat bij 3 colleges te horen was dat men de Metropoolregio wel zou willen verlaten. Opmerkelijk, omdat het meestal zo is dat raden negatiever ten opzichte van een regionale samenwerking staan. Ik begreep de uitspraak van de voorzitter van de Metropoolregio in het ED dat "de raden over hun eigen schaduw heen moeten springen" dan ook niet: ik denk dat hij éérst eens in eigen kringen het gesprek moet voeren, want daar valt meer werk te verrichten volgens mij.

Mijn analyse is dat de Metropoolregio véél te snel "uit de grond is gestampt". De kwartiermakers hebben onvoldoende tijd genomen een stevig fundament en gemeenschappelijkheid te creëren. Men was zich zelfs daarvan bewust, zo is te lezen in de 2e alinea van hoofdstuk 2.1.1. van het rapport, maar heeft dat risico toch genomen. Gevolg is dat veel van de stakeholders nauwelijks tot niet op de hoogte zijn van de inhoud van de regionale agenda, die toch de leidraad is voor het doen en laten van de Metropoolregio. Met weer als gevolg daarvan dat de verschillende partijen een verschillend beeld hebben van wat de Metropoolregio nu eigenlijk zou moeten zijn.

Een ander gevolg was dat de Raadstafel21 pas ná het operationeel worden van de samenwerking tot stand is gekomen en dus ook niet betrokken bij de vorming. Waren de raden intensiever bij de voorbereidingen betrokken geweest, dan zou de Metropoolregio wellicht wat anders van opzet geworden zijn, maar in ieder geval zou het gezamenlijk doel een gedragen doel zijn geworden. Want het simpele feit dat de regionale agenda indertijd min of meer automatisch door de raden geloodst is, is nog geen garantie voor écht draagvlak, zo blijkt.

Kortom: weeffouten die nu geleid hebben tot de noodzaak van een stevige renovatie. Een renovatie die wel degelijk mogelijk is, zo is mijn overtuiging, want ik heb in de gesprekken met raden ook veel wil tot samenwerking geproefd. Zelfs het besef dat samenwerking een kwestie is van geven en nemen is breed aanwezig bij de raden. En dat geeft hoop voor de toekomst van ONS samenwerkingsverband!

Ik wens iedereen een fijne vakantie zodat we daarna met hernieuwde energie aan de renovatie kunnen beginnen!
 
Ton Dijkmans
voorzitter Raadstafel21 

 

Foto Ton2015 300x450

Naar overzicht

Delen

FacebookTwitterLinkedIn